Het Hollandse kabinet
Het meest voorkomende meubel tijdens mijn antiektaxaties is het Hollandse kabinet. Vroeger, en dan praten we over nog geen 100 jaar geleden, was een kabinet, ook wel linnenkast genoemd, een vanzelfsprekend meubel in het Nederlandse interieur. Bij de introductie in het begin van de 17e eeuw diende het kabinet voor het opbergen van het kostbare linnengoed.
Aan de uitvoering van het kabinet, vaak in kostbare houtsoorten kon men de welstand van de eigenaren aflezen. Hieronder zal ik in chronologische volgorde de meest gangbare modellen bespreken. De foto's zijn geplaatst met toestemming van de eigenaar.
renaissancekast
De vierdeurs renaissance kast. Circa 1610-1630. Dit is de oervorm van het Hollandse kabinet. Uitgevoerd in eiken, tropische houtsoorten waren nog niet voorhanden, sierde deze kast de woningen van de rijk geworden burgerij. Kort na 1600 bloeide de economie als nooit tevoren.

In tegenstelling tot vorige eeuwen was het niet de adel of geestelijkheid die rijk werd maar de werkende burgerij. Deze was trots op haar verworven rijkdom en liet dat zien. Kasten als deze vormden vaak een onderdeel van een hele wandbetimmering inclusief hemelbed. Varianten op deze kast zijn de kolommenkast, beeldenkast, de Friese keeftkast en Amelanderkast.

De keeftkast is de meest voorkomende. Deze zijn ook in later eeuwen, met name in de 18e en 19e eeuw, veel nagemaakt. Het vereist een geoefend oog om dergelijke kasten van een juiste datering te voorzien.

 

 

De renaissance panelenkast. 1630-1650. Deze kast noemt men ook wel een Gelderse kast. Op deze kast ziet men het eerste ebbenhout verschijnen. Vaak is dit echter zogenaamd moereiken. In moerassen gevonden eikenhout dat zwart geworden kon dienen als vervanger van het nog spaarzaam voorhanden zijnde ebbenhout. Dergelijke kasten zijn zeer zorgvuldig afgewerkt. Variant op dit model is de Utrechtse toogkast.

Kasten van dit model zijn gedurende de 18e en19e eeuw niet veel nagemaakt. Vaak hebben ze wel de nodige restauraties ondergaan.
Sterk gerestaureerde kasten met veel vernieuwingen zijn minder waard dan kasten in een goede maar oorspronkelijke staat.
panelenkast

 

kussenkast
Kussenkast Hollandse barok. 1660-1680. Deze kast ontleent zijn naam aan de kussenvormige verdikkingen op de deuren. Alles aan deze kast straalt ingetogen rijkdom uit. Deze kast is gemaakt van eiken en gefineerd met ebben en palissander hout. Van belang voor de waarde van een dergelijke kast zijn; behalve de conditie, afmetingen en de juiste verhoudingen. Hoge en diepe kasten zijn minder gewild op het ogenblik.

Soms zijn deze kasten ook gefineerd met schildpad. Dit zijn vrijwel altijd 19e eeuwse toevoegingen. We zien dat de kast in zijn grondvorm nog altijd identiek is aan de renaissance vierdeurskast van 70 jaar daarvoor. De kussenkast heeft onderin een lade. De Renaissancekast heeft oorspronkelijk een gesloten onderzijde zonder laden.

 

 

 

Zeeuwse of Vlaamse vierdeurskast. Barok 1640-1700. Niet gehinderd door Calvinistische beperkingen konden de schrijnwerkers en de beeldensnijders uit de zuidelijke Nederlanden zich helemaal uitleven op dit meubel. Dergelijke lage kasten zijn ook gemaakt in Zeeland. Deze zijn echter opmerkelijk soberder van uitvoering.

Zo missen ze het rijke snijwerk en bestaat de versiering hoofdzakelijk uit een geometrisch patroon van lijstwerk op de deuren. Doorgaans zijn ze wel zorgvuldiger gemaakt dan de zuidelijke variant. Kasten als deze zijn veel gemaakt. Mogelijk waren deze meubelen populair doordat ze de mogelijkheid boden nog iets op de kast te zetten en een portret of ander schilderij boven de kast te hangen.
zeeuwse-kast

 

 

rankenkast
Rankenkast. Barok, 1680-1800. Genoemd naar de fraai gesneden bloem ranken op het front van de kast. Een rankenkast zonder snijwerk noemt men ook wel een pastoorskast.

De kasten hebben altijd twee deuren en een lade over de hele breedte net boven de poten. Let op het fraai gespiegelde fineer. Dit gespiegelde fineereffect verkreeg men door eenzelfde plank door te zagen en dit al dan niet omgedraaid vast te lijmen op de eiken kern.

 

 

 

 

 

 

Kussenkast Barok. 1660-1750. Het hier afgebeeld model is een late variant van de kussenkast. Zijn grove afwerking verraden een provinciale afkomst. Datering wordt ook vergemakkelijkt door de stijl van het interieur van de kast. Dit is geheel in Daniel Marot vormen gesneden.

Daniel Marot was de 17e eeuwse "Jan de bouvrie". Een zeer populaire interieurontwerper die prenten liet uitgeven met tal van ontwerpen op meubelgebied. Zijn invloed was zeer groot.

 

 

barokkussenkast

 

kruisvoet-kabinet

Kruisvoet kabinet. Barok 1680-1730. De naam zegt het al. Het is een tweedeurskast op een luchtig ogend onderstel. De poten worden vaak bijeengehouden door een houten kruis. De vorm is sober als reactie op de voorgaande uitbundigheid van de barok. Soms echter werden de deuren voorzien van rijk fineerwerk met insecten, vogels en bloemvazen.

De uit Tiel afkomstige meubelmaker van Meekeren was de bekendste maker van dit genre kasten. Ze worden ook wel sterkabinetten genoemd omdat de binnenzijde van de deuren vaak voorzien is van een ingelegde ster. Dat is ook bij dit kabinet het geval. Bijzonder aan deze kasten is dat ze in de 19e eeuw, voor zover mij bekend, niet zijn nagemaakt.

 

 

 

Ook een kruisvoet kabinet. Circa 1730. Maar nu met een belangrijke verandering.

Als reactie op de sobere eenvoud van het voorgaande kabinet en de introductie van vijf of zevendelige chinees porseleinen kaststellen krijgt de kast een gebogen kap met plateautjes om de vazen op te zetten.

Behalve vaasjes konden er ook porseleinen kastkommen op geplaatst worden.

kruisvoet kabinet

 

Louis Quinze kabinet
Het dubbelgebogen Louis Quinze kabinet is de absolute klassieker onder de Hollandse kasten. De statische vormentaal van de voorgaande modellen is nu omgezet in een meer dynamische en uitbundige uiting van de rococostijl. Voor het eerst weet de meubelmaker zich te onttrekken aan de blokvormige basisvorm van de kast.

Er is een voorkeur voor het gebruik van wortelnotenfineer. Dit grillig getekende hout sluit perfect aan bij het uitbundige karakter van deze meubelen. Vaak werden dergelijke kabinetten in de 19e en begin 20e eeuw voorzien van vitrinedeuren om zo te dienen als porseleinkast. Het overgrote deel van de 18e eeuwse porseleinkasten zijn in feite verbouwde kabinetten.

Op de waarde heeft het geen invloed wanneer het goed gedaan is. Deze kasten zijn massaal en industrieel nagemaakt in de 20 eeuw.

 

 

Een kabinet dat vrijwel niet is nagemaakt is het enkelgebogen kabinet.Minder uitbundig dan de dubbel gebogen variant wat ook tot uiting komt in het materiaalgebruik. Vaak zijn enkelgebogen kasten met mahoniehout gefineerd. Dit type noemt men ook wel "Haags gebogen".

Het afgebeelde model is een vroeg exemplaar uit circa 1760. Later bij de overgang van de Louis Quinze stijl naar de Louis Seize stijl, circa 1780, zijn de kasten vaak voorzien van zeer fraai verguld bronzen beslag. Ze waren populair in de periode 1770 - 1800.

 

 

Seize kabinet

 

 

hekjeskabinet
Zojuist al genoemd. De Louis Seize stijl. Dit "Seize kabinet" uit circa 1800 is gemaakt van zeldzaam rozenhout fineer. De kern is eiken. Dit type kasten is in grote getale gemaakt. Vaker zijn ze uitgevoerd in mahonie al dan niet in combinatie met vuurverguld beslag. Het hekje bovenop de kast is uit de tijd. Hekjeskast of hekjeskabinet worden ze ook wel genoemd. Van invloed op de waarde is de conditie. Meestal zijn de panelen aan de zijkant van de kast gescheurd door de droogte.

Dit is moeilijk te herstellen. Ook een punt van aandacht vormen de deurpanelen. Wanneer deze enkel aan de buitenzijde zijn gefineerd trekken de panlenen makkelijk krom. Dat was ook het geval bij de afgebeelde kast. Deze is onder mijn supervisie gerestaureerd waarbij het mogelijk was de panelen weer recht te krijgen zonder het fineer los te maken. Om problemen in de toekomst te voorkomen is nu ook de binnenzijde van de deuren gefineerd.

Met dit model komen we aan het einde van de ontwikkeling van het klassieke kabinet. Nieuwere vormen zijn totaal anders omdat de gewoonte om kleding te leggen veranderde in de wens kleding op te hangen. Dit werden kasten enkel en alleen bedoeld voor kleding.

 

Antiek; Echt of namaak?
Veel 17e eeuwse kabinetten zijn in de 19e en begin 20e eeuw nagemaakt toen de meubelen van "het oude vaderland" weer helemaal bon ton waren. Ook werden oude beschadigde kasten gerestaureerd en aangepast aan de wensen van de 19e eeuwse burger.

Kabinetten gefineerd in mahoniehout werden bijvoorbeeld "opgepimpt" door het te voorzien van intarsia (inlegwerk) van bloemen. Wanneer U een kabinet ziet welke met bloemen ingelegd is, is het inlegwerk vrijwel zeker uitgevoerd in de 19e eeuw. Zo verandert de mode. Dergelijke kasten zijn nu moeilijk te verkopen en hebben een lagere waarde dan de originele ondanks het feit dat het inlegwerk deskundig en kostbaar is uitgevoerd. Is een kabinet echter deskundig verbouwd tot porseleinkast door de beide paneeldeuren en zijden te vervangen door glasdeuren dan is de waarde hoger dan een origineel dicht kabinet.

Veel gerommeld is er ook aan de vroeg 17e eeuwse renaissance beeldenkasten. Veel van deze meubelen zijn later "mooier" gemaakt door toevoeging van beelden of door het meubel van extra snijwerk en inlegwerk te voorzien.

Namaak herkent men op veel punten. Zowel technische details zoals verbindingen, kunstzinnige, bijvoorbeeld de kwaliteit van het snijwerk, alsmede de eeuwenoude "slijtage" wat we ook wel patine noemen. Wat echt of namaak is herkend men alleen door kennis en oefening.

 

Antiek verkopen?
Als taxateur oordeel ik vaak over de waarde van een meubel. Men vraagt vaak hoe ik aan deze waarde kom. Het vaststellen van de waarde is in feite een lijstje afwerken waarin factoren zoals zeldzaamheid, conditie en mode een rol spelen. Dit gecombineerd met recent gerealiseerde prijzen bepaald de waarde. De prijzen van antieke meubelen staan onder druk door de gewijzigde mode. De enige kast die veel mensen tegenwoordig willen hebben, buiten hun kledingkast, is een televisiekastje. "Less is more" is de trend.

Veel Hollandse meubelen worden tegenwoordig wegens gebrek aan binnenlandse belangstelling geëxporteerd naar opkomende economieën zoals Azië en Zuid Amerika.

De conditie van een meubel is zoals genoemd van belang voor de waarde. Scheuren, kromme deuren en uitgesleten laden doen de prijs van het meubel natuurlijk geen goed. Maar al te vaak zijn de restauratiekosten van een kabinet hoger dan de financiële waarde die de kast heeft na een restauratie. Vaak vinden restauraties plaats op basis van emotionele gronden. Of de kast een restauratie waard is zal iedereen anders beoordelen. Mocht U behoefte hebben aan een onafhankelijk advies in deze, neem dan gerust contact op.

Daar waar het gros van de meubelen lastig een koper kan vinden zijn de topstukken op dit gebied goed te verkopen. Kwaliteit en uitzonderlijke stukken zijn schaars. Topkasten brengen topprijzen op. Er zijn beeldenkasten verkocht voor meer dan een half miljoen euro ! Kort gezegd, binnen elk genre antiek zijn topstukken gemaakt. Deze waren toen duur en zijn dat nu nog altijd. Wanneer antiek in de mode is stijgen de prijzen van de objecten uit het "B segment".

Mocht U overwegen uw antieke meubel te verkopen, ik breng U graag in contact met een mogelijk geïnteresseerde partij.

 

detailkast

 

Antiek en kunst als belegging?
Kunst en antiek kunt U beter niet kopen met het oogmerk deze later weer met winst te verkopen. Goede stukken zijn weliswaar relatief waardevast maar er komt ook wat geluk bij kijken. Soms is er een groep verzamelaars actief, niet zelden met aangewakkerde belangstelling als gevolg van een expositie, wat natuurlijk zorgt voor een hogere prijs. Het mode en prijsverloop hierin is grillig. Hoe moderner de kunst hoe lastiger dit in te schatten is.

Moderne Kunstenaars die nu "in" zijn kunnen over een half jaar alweer vergeten zijn. Oude kunst echter, 17e en 18e , eeuw wordt doorgaans gezien als vrijwel zonder risico.

Beter koopt U kunst met uw hart. Geniet van de schoonheid ervan. Wanneer het object bij verkoop hetzelfde of meer opbrengt dan is de keuze behalve de genoten schoonheid een juiste gebleken.

 

 

 

 

 


1 27 34